Verplaats je eigen voorraad van het ene EU-land naar het andere? Dan kan dat btw-verplichtingen in beide landen veroorzaken, ook als je de goederen nog niet hebt verkocht aan een klant. Bovendien kunnen belastingdiensten steeds meer gegevens vergelijken om niet-aangegeven voorraadbewegingen te ontdekken. Vanaf 1 juli 2028 verandert de verwerking van de btw bij voorraadverplaatsingen door de introductie van de Transfer of Own Goods-regeling.
Waarom heeft een voorraadverplaatsing btw-gevolgen?
Stel dat een Nederlandse webwinkel eigen goederen vanuit een magazijn in Nederland naar een fulfilmentmagazijn in Duitsland verplaatst. Voor de btw wordt deze verplaatsing momenteel vaak behandeld als:
- Een fictieve intracommunautaire levering in Nederland (land van vertrek), die in Nederland moet worden gerapporteerd
- Een fictieve intracommunautaire verwerving in Duitsland (land van bestemming), die in Duitsland moet worden gerapporteerd
Om de verwerving in Duitsland te kunnen aangeven, moet de webwinkel zich doorgaans voor de btw in Duitsland registreren en daar periodiek btw-aangifte doen. Eén fysieke verplaatsing van goederen kan dus rapportageverplichtingen in twee landen veroorzaken.
Welke formulieren, aangiftetermijnen en correctieprocedures gelden, verschilt per lidstaat. Het uitgangspunt is wel steeds hetzelfde: de informatie uit het land van vertrek kan worden vergeleken met de informatie uit het land van aankomst. Daardoor kan een ontbrekende of afwijkende rapportage aan het licht komen.
Een niet-aangegeven voorraadverplaatsing laat sporen achter
Wanneer je een voorraadverplaatsing niet opneemt in je btw-registratie, betekent dit niet automatisch dat deze ook buiten beeld blijft. De belastingdienst kan een niet-aangegeven voorraadverplaatsing namelijk opsporen door gegevens uit verschillende landen en systemen met elkaar te vergelijken, denk aan:
- btw-aangiften en samenvattende opgaven;
- de aangegeven verwerving in het land van aankomst;
- de gemelde overbrenging in het land van vertrek;
- de btw-nummers die bij de transactie zijn gebruikt;
- voorraadrapporten van Amazon of andere fulfilmentpartijen;
- gegevens over betalingen, handelsplatforms en logistiek.
Naast btw-aangiften en administratieve stukken kan de belastingdienst ook andere gegevens gebruiken om afwijkingen te signaleren, waaronder:
- DAC7: kan inzicht geven in verkopers en hun activiteiten op digitale platforms. (bron: Europese Commissie, DAC7)
- CESOP: bevat informatie over bepaalde grensoverschrijdende betalingen. (bron: Europese Commissie, CESOP)
Hoewel deze gegevens niet rechtstreeks laten zien dat de voorraad ban het ene magazijn naar het andere is verplaatst, kunnen ze de belastingdienst wel helpen om ondernemingen te selecteren voor nader onderzoek. Als de activiteiten op een handelsplatform of de ontvangen betalingen niet aansluiten op de gerapporteerde btw-activiteiten, kan dat aanleiding zijn om aanvullende informatie op te vragen.
VIES speelt hierin een andere rol. Via dit systeem kan alleen worden gecontroleerd of een btw-nummer wordt erkend door transacties binnen de EU. VIES haalt deze informatie op uit de nationale btw-databases. Het systeem bevat geen overzicht van fysieke voorraadverplaatsingen, facturen of btw-aangiften. (Your Europe, VIES)
Hoe kunnen verschillen aan het licht komen?
Een voorraadverplaatsing tussen twee EU-landen moet in beide landen op elkaar aansluitend worden verwerkt. Daarbij kunnen verschillende scenario’s ontstaan:
- Slechts één kant van de verplaatsing is aangegeven: er ontstaat dan een verschil tussen de overdracht die is gemeld in het land van vertrek en de verwerving die is vermeld in het land van aankomst. Door deze gegevens te vergelijken kan de belastingdienst een ontbrekende rapportage ontdekken.
- De verplaatsing is in geen van beide landen aangegeven: andere gegevens, zoals voorraadgegevens, logistieke facturen of informatie van handelsplatforms kunnen als nog aantonen dat de goederen zijn verplaatst.
- Beide kanten van de verplaatsing zijn aangegeven, maar de gegevens verschillen: Er kunnen bijvoorbeeld verschillende belastbare waarden of rapportageperioden zijn gebruikt. Vooral herhaaldelijke of aanzienlijke afwijkingen zullen tot vragen leiden.
Wat verandert er op 1 juli 2028?
Vanaf 1 juli 2028 wordt binnen de Europese btw-hervorming, VAT in the Digital Age, de Transfer of Own Goods-regeling (TOOG) ingevoerd.
Ondernemingen die aan de voorwaarden voldoen, kunnen kwalificerende voorraadverplaatsingen dan via één uitgebreide OSS-registratie rapporteren. Daardoor zijn voor veel van deze verplaatsingen niet langer afzonderlijke btw-registraties in meerdere lidstaten nodig. Tegelijkertijd vervalt de bestaande vereenvoudiging voor call-off stock.
De regeling is onder meer relevant voor webwinkels en marktplaatsverkopers met voorraad in meerdere EU-landen, regionale distributiecentra, fabrikanten en retailers.
Meer gegevens in de OSS-aangifte
De vermindering van het aantal lokale registraties gaat samen met uitgebreidere digitale rapportage. Bij gebruik van de TOOG-regeling moeten ondernemingen onder meer elektronisch vastleggen:
- uit welke lidstaat de goederen vertrekken;
- in welke lidstaat de goederen aankomen;
- wat de belastbare waarde van de goederen is;
- welke latere aanpassingen plaatsvinden;
- welke correcties op eerdere verplaatsingen nodig zijn;
- welke aanpassingen van de btw-aftrek op overgebrachte investeringsgoederen plaatsvinden;
- wat de reden voor een aanpassing is.
De uitgebreide OSS-aangifte gaat daarnaast meer transactiegegevens bevatten, zoals de lidstaat van verzending, de lidstaat van verbruik, de relevante belastbare bedragen en btw-tarieven en de btw-registratie of vaste inrichting van waaruit een levering plaatsvindt.
De technische inrichting en rapportageverplichtingen zijn uitgewerkt in Uitvoeringsverordening (EU) 2026/1869. Volgens de Europese Commissie gelden de belangrijkste wijzigingen voor de bijzondere regelingen en rapportageverplichtingen vanaf 1 juli 2028. Bron: Europese Commissie
Van lokale aangiften naar centrale rapportage
Tot 1 juli 2028 blijven voorraadverplaatsingen in beginsel gekoppeld aan de bestaande lokale btw-verwerking. Het huidige OSS is doorgaans bedoeld voor daarvoor in aanmerking komende leveringen aan consumenten en niet voor de overbrenging van de eigen goederen van een verkoper.
Vanaf 1 juli 2028 maakt de uitgebreide OSS-regeling centrale rapportage van kwalificerende voorraadverplaatsingen mogelijk. De gegevens achter iedere verplaatsing blijven daarbij belangrijk: het vertrekpunt, de bestemming, de btw-behandeling en eventuele correcties moeten onderdeel zijn van de administratie en de rapportage.
Meer weten?
Neem geheel vrijblijvend contact met ons op via ✉ email of bel ✆ +31546 241225
Altijd bereikbaar
Via de mail krijg je binnen 24 uur reactie op al je vragen met betrekking tot onze diensten.
We staan u graag te woord om samen vrijblijvend te bekijken wat we voor u kunnen betekenen.
